Atmos

Voor mijn generatie is het beluisteren van muziek altijd een hobby met een fysieke component geweest. Wilde je een album beluisteren, dan moest je het kopen of lenen. Je had iets in je handen. Iets dat een wezenlijk onderdeel van de beleving was.
De komst van de cd beroofde de beleving van een deel van zijn glans. Er was nog steeds dat fysieke aspect, maar hoesontwerpen werken toch minder goed op de (aanvankelijk lelijke) kleine plastic doosjes.

En nu wordt er vooral gestreamd. Ik heb daaraan moeten wennen. Ik miste de albumhoes in mijn handen, de informatie op achterkant en binnenhoes, het feit dat een gekochte lp ook echt van mij was.
Inmiddels, nu ik een klein jaar beschik over componenten in mijn installatie waarmee ik muziek in een met de geluidskwaliteit van mijn platenspelers vergelijkbare kwaliteit kan streamen, zie ik de voordelen. En hoewel ik elke keer als ik na een tijdje streamen weer een lp beluister denk dat dat toch wel mooier klinkt, ben ik het als een zeker iets toevoegende luisteroptie gaan zien.

Het is of wordt uiteindelijk denk ik de nieuwe manier van luisteren. Het formaat voor de toekomst. Gelukkig is er een grote, nog altijd groeiende groep jongeren die een platenspeler aanschaft en begint met het opbouwen van een vinylcollectie, maar met de dreigende verdwijning van de cd worden muziekcollecties meer en meer vervangen door online-bibliotheken.

Streamingservices, begonnen in het armzalige mp3 formaat, zijn inmiddels een serieuze speler in de audio-wereld geworden. Spotify kan het zich veroorloven om niet haantje de voorste te zijn bij alle ontwikkelingen, maar de meeste services bieden inmiddels minimaal cd kwaliteit. Je moet er natuurlijk wel iets voor doen. Zo is, rechtstreeks beluisterd via een telefoon, een externe dac noodzakelijk om de bestanden beter te laten klinken.
De ingebouwde dac voldoet niet. Dat is ook logisch want een telefoon is toch vooral een alleskunner waarbij muziek beluisteren slechts één van de mogelijkheden is. De kwaliteit van de dac is daarop afgestemd.

Met AirPods beluisterd is het via Tidal en Apple Music inmiddels mogelijk om veel muziek in een vorm van surround audio te beluisteren. Het in een eerdere column genoemde upgrade virus kent in mijn leven een vertakking die niet zozeer te maken heeft met het stapsgewijs verbeteren van de audio-installatie componenten, als met nieuwsgierigheid naar nog buiten mijn bereik liggende luisteropties.

Ik ben zo extreem besmet met dit virus en dan met name de ultra besmettelijke Beatlesvariant, dat het voor mij een bron van onrust is om een deluxe boxset van b.v. The White Album te hebben liggen met daarin een schijfje met 5.1 mixen zonder dat ik dat kan beluisteren. Ik moet en ik zal die mix horen.
Dus kwam er een 5.1 systeem in onze studio. De ervaring was om meerdere redenen verslavend.
Allereerst is het een nieuwe mix waardoor het oud vertrouwde weer fris klinkt en ik nieuwe lagen in de muziek mocht ontdekken.
Daarnaast is die ruimtelijkheid echt gaaf. Zittend tussen speakers en omgeven worden door de muziek is top. Het is zeker geen vervanging voor de vertrouwde manier van beluisteren in stereo of mono, maar een zeer welkome aanvulling.
Daar komt nog bij dat ik erg veel belang hecht aan respect t.o.v. het werk van artiesten, kunstenaars etc. Het is, vind ik, belangrijk dat de mensen die verantwoordelijk zijn voor een muzikale nalatenschap, daar goed mee omgaan. De erfenis moet veilig zijn.

Aan een remix kan altijd het gevaar kleven dat het een herinterpretatie wordt.
Bij surround-mixen bestaat dat gevaar niet. Er wordt nl. iets nieuws gecreëerd. Ik laat dan de quadrafonische mixen die een enkel album ooit gekregen heeft buiten beschouwing. Dat formaat heeft het nooit gered.
Om die reden kan ik ook genieten van ‘The Beatles Love’. Ik luister er niet vaak naar, maar als ik dit album beluister is er, naast de onrust die deze mix toch een beetje in zich draagt beluisterd zonder de begeleidende visuele aspecten, echt genoeg om enthousiast over te zijn. Ook dit is weer een verrijking die geen afbreuk doet aan wat er al is.

Helaas had ik mijn 5.1 systeem nog niet geïnstalleerd of er vond een verschuiving plaats naar Dolby Atmos. Atmos werkt anders dan 5.1 surround. Het maakt gebruik van reflectie via het plafond. De schoonheid van dit soort mixen kan niet voldoende weergeven worden middels vijf speakers en een subwoofer.
Toen niet veel later duidelijk werd dat de blu ray schijfjes in de jubileumedities van Beatles-albums tot het verleden behoren, werd het weer tijd voor mijn onrust om de kop weer op te steken.
Giles Martin gaf nl. als reactie op de protesten van fans over het ontbreken van de schijfjes met surround-mixen (‘Revolver’) aan dat hij: ‘would look into it.’
Dat klinkt toch als een dooddoener.

Bij Apple Music en Tidal zag ik onder het album artwork steeds vaker Dolby Atmos of een vergelijkbare aanduiding staan. Om deze mixen te kunnen beluisteren zou ik echter AirPods Pro moeten hebben.
Ik heb, voor mijn doen, best lang getwijfeld. Maar uiteindelijk zijn ze er toch gekomen. Vooral ook omdat Andrew van Parlogram Actions er lovend over was. En als hij het goedkeurt ben ik verkocht.
Ik heb die dingen gekocht ondanks een paar stevige vraagtekens.
Zo werken ze via Bluetooth en dat is zo ongeveer de minst wenselijke manier om muziek te streamen. Teveel geluid voor te weinig ruimte.

Maar uiteindelijk viel het erg mee. Het is geen partij voor Hifi hoofdtelefoons en hoe surround de ervaring is, is een vraag waarop, afhankelijk van het album, meerdere antwoorden mogelijk zijn. De ervaring is minder ruimtelijk dan via mijn dolby 5.1 systeem. Het komt qua ruimtelijkheid het dichtst bij het klankbeeld van een kwalitatief redelijke (open) hoofdtelefoon.
Of zoals Dweezil Zappa (idd zoon van) het zegt in een interview n.a.v. zijn Atmos mix gemaakt voor de meest recente jubileumuitgave van Deep Purple’s ‘Machine Head’: ‘Veel mensen luisteren nu via de hoofdtelefoon naar die mix, wat eigenlijk een stereo-plus versie is. Eigenlijk moet je het via meerdere luidsprekers doen….’

Om even bij de meeste recente heruitgave van ‘Machine Head’ te blijven. Dweezil veroorlooft zich (net als Giles Martin die in het interview nog genoemd wordt) een behoorlijk aantal vrijheden. Alle keuzes maakt hij als fan van dit album. Hij wil dingen meer in het zonnetje zetten. Uiteindelijk ontstond er zo een herinterpretatie van het album, waarbij de ontwijkende reacties van de bandleden doen vermoeden dat het niet helemaal hun keuze is geweest om het zo ver door te voeren. Dweezil zelf ziet het als een nieuwe versie van het album die bestaansrecht heeft naast de oorspronkelijke versie. De rechtvaardiging: ‘omdat het nu kan’ klinkt een enkele keer.
Het is blijkbaar ook een generatie dingetje. De mensen van het eerste uur lijken er minder mee te hebben, de jongere generatie ervaart de nieuwe wereld, ontsloten door de digitale opties die er nu zijn, als een meerwaarde. Meer keuzes, meer meningen, meer verantwoording voor wat toch cultureel erfgoed is.

Maar goed, terug naar the Fab Four en de Atmos mixen.
De ruimtelijkheid van albums als ‘Let it Be’ die ik al in hun 5.1 mix kende ervoer ik als erg prettig maar zelfs bij benadering niet zo goed als over de vijf speakers en een sub.
‘Abbey Road’ heeft daarbij nog het grote nadeel dat de Atmos mix, anders dan de stereo-mix, zowel bij Apple Music als Tidal niet zonder onderbrekingen over gaat van song naar song. Dat maakt kant twee onluisterbaar.

De aanschaf van de AirPods betaalde zich echter meer dan terug toen ik het album ‘McCartney’ in zijn Atmos incarnatie beluisterde. Wat werkt dat goed voor dit intieme album. Je wordt als luisteraar omgeven door klanken en voelt je daardoor een bezoeker aan Cavendish Avenue NW8.

‘Band on the Run’ bleek in surround ook een sublieme aanvulling op de reeds gekende luisterervaring. De saxofoon-solo van Bluebird klinkt warmer en meer aanwezig. Helaas verliezen de koortjes in deze song iets van hun schoonheid in vergelijking tot de vinylversie, waarschijnlijk omdat de ruimte die de sax inneemt ergens vandaan moet komen. Het eeuwige plussen en minnen verhaal van gemaakte keuzes. Maar het is te gek om te kunnen afwisselen tussen de verschillende manieren waarop je dit album kunt beluisteren.
Het slaggitaartje van ‘Jet’ mag ook niet onvermeld blijven en bij ‘Mrs Vanderbilt’ lijkt Paul’s ’No Use’ response op zijn eigen vraag naar zingeving wel van heel ver weg te komen. Erg leuk.

Lennon’s albums ‘Mind Games’ en ‘’Wals and Bridges’ klinken op vinyl en cd, gebukt gaand onder hun oorspronkelijke productie, nogal geklusterd. Het is allemaal erg massief. Nu komen er gelukkig steeds meer remixen van de hand van Sean. Over een paar maanden verschijnt ‘Mind Games’ in een nieuwe mix. Voor wie niet wachten kan is er al het voorproefje zoals dat te vinden is op ‘Gimme Some Truth’. Schitterende mixen die de muziek veel meer recht doen.
Ook de Atmos mixen zijn geweldig. Een song als ‘Whatever Gets You Thru The Night’ die ondanks de tomeloze energie van muziek en musicerenden altijd geremd werd door de logheid van de productie, swingt in de Atmos mix en de stereo mix van Sean de pan uit.

Ik heb een beetje een dubbel gevoel bij de 2023 remixes van de rode en blauwe collectie. Veel is mooi, maar er zijn ook twijfelachtige keuzes. Laat ik me na eerdere columns gewijd aan The Beatles 1962-1966 en The Beatles 1967-1970 beperken tot één song: ‘I am the Walrus’.
Ik denk dat we het erover eens kunnen zijn dat de keuzes die Giles Martin gemaakt heeft met name in ‘Walrus’ op z’n zachtst gezegd niet onomstreden zijn.
De stereo-mix, los van de vraag of een relatieve buitenstaander dingen zo extreem mag veranderen, overtuigt veel mensen niet. Ik hoor bij die groep. Maar luisterend naar deze track in de Dolby Atmos mix via de AirPods wordt het een ander verhaal. De mix lijkt wel gemaakt met het oog op deze Atmos variant. Het klinkt logisch en boeiend. Het feit dat hier een heel nieuw klankspectrum gecreëerd is in een formaat dat in 1967 niet bestond, maakt de ‘mag dit?’ vraag overbodig.

Het grappige is dat ik een soortgelijk gevoel heb bij de bonustrack van ‘New’ genaamd ‘Struggle’. Nee, er is (voor zover ik weet) geen surround mix van deze song. Maar qua productie lijkt ze gemaakt voor beluisteren m.b.v. AirPods. Daarmee beluisterd klinkt de song veel intenser dan beluisterd via mijn Hifi installatie.
Voor het wat klassieker klinkende ‘Demon Dance’ geldt dan weer het tegenovergestelde. Deze track leeft veel meer via de installatie beluisterd en is wat vlak via de Pods.

Voor het overgrote deel van de muziek waar ik naar luister zal, het Atmos aspect buiten beschouwing latend, gelden dat de installatie het wint van de AirPods. Maar er is ook een klein aantal songs dat gemaakt lijkt met het oog op een nieuwe manieren van beluisteren.

Een mooie bonus van deze AirPods: ze zijn zeker geschikt om mono-opnames te beluisteren. Mono is als formaat totaal ongeschikt om te beluisteren via een gewone hoofdtelefoon. Maar deze ruimtelijk klinkende dopjes doen mono absoluut recht. Over speakers is mooier, maar het is een zeer goed alternatief als je je huisgenoot niet lastig wilt vallen met je hobby.
Ook een aanrader: verbinden met je tv en een concertregistratie van McCartney kijken. Klank en ruimtelijkheid zijn mooi. Weer niet zo gaaf als een setup met meerdere speakers, maar een erg goed alternatief.

Na een paar weken redelijk intensief gebruik ben ik nog steeds enthousiast over deze in ears, maar inmiddels heb ik wel een kleine kanttekening. Alle lof die de kleine dingen toegezwaaid wordt moet wel in het juiste perspectief gezien worden. Bluetooth is de grote spoiler. Een High Res streaming service als Tidal geeft tijdens het beluisteren aan dat de aangegeven audio-kwaliteit niet beschikbaar is via BlueTooth. De gele High of Max aanduiding vervaagt.
Qua klank valt dit ook op, zeker vanaf het moment dat het aanvankelijk enthousiasme voor de Atmos illusie plaats maakt voor gewenning. Het is allemaal, voorbij luisterend aan de gesuggereerde ruimtelijkheid, wat vlakker, kaler dan via een HiFi hoofdtelefoon.
Het irriteert absoluut niet, maar het is ook zeker geen onopvallend verschil.

Alles tegen elkaar wegstrepend hebben die AirPods maar één echt nadeel. Naast de vele opties die ik al had om naar muziek te luisteren, heb ik er nu nóg één bij. En ik kom al zoveel tijd tekort.